Aantal adresonderzoeken in Zwolle ruim 70 procent hoger dan in 2020
De gemeente Zwolle deed vorig jaar 702 onderzoeken naar de verblijfplaats van mensen. In 2020 waren dat er nog 407. Daarmee lag het aantal adresonderzoeken vorig jaar ruim 70 procent hoger dan in 2020. In de afgelopen drie jaar werden na adresonderzoeken 847 mensen uitgeschreven.
Maak ons je Google-favorietDat blijkt uit antwoorden van het stadsbestuur op vragen van CDA-raadsleden Laura van de Giessen en Mirjam Engels. Zij stelden de vragen na een rechtszaak waarin de kantonrechter kritiek had op een Zwols adresonderzoek.
Het aantal onderzoeken nam toe van 407 in 2020 naar 458 een jaar later. In 2022 ging het om 595 onderzoeken en in 2023 werd met 751 het hoogste aantal bereikt. Daarna daalde het aantal naar 678 in 2024, gevolgd door 702 onderzoeken vorig jaar.
Ook het aantal mensen dat na een onderzoek werd uitgeschreven als ‘vertrokken onbekend waarheen’ nam toe. In 2020 ging het om 185 mensen en vorig jaar om 271. In 2023 werden 312 mensen uitgeschreven en in 2024 waren dat er 264.
De gemeente houdt niet apart bij hoeveel uitschrijvingen na bezwaar of door tussenkomst van een rechter zijn teruggedraaid. Het stadsbestuur kan daarom niet zeggen hoe vaak achteraf bleek dat een besluit moest worden herzien.
Rechtszaak tussen Deltawonen en huurder
Aanleiding voor de vragen was een rechtszaak tussen woningcorporatie Deltawonen en een huurder. De corporatie wilde de huur beëindigen, omdat de man niet in zijn woning zou wonen. Als bewijs werden onder meer twee adresonderzoeken van de gemeente gebruikt.
Medewerkers gingen in drie maanden vijf keer bij de woning langs. Alle bezoeken vonden overdag plaats en twee controles werden op dezelfde dag uitgevoerd. Volgens de kantonrechter was dat onvoldoende om vast te stellen dat de man niet in de woning woonde. De geëiste ontruiming werd afgewezen.
Het stadsbestuur zegt de bevindingen van de rechter serieus te nemen. De uitspraak is volgens het college geen reden om de werkwijze ingrijpend aan te passen. Wel moeten het aantal, de spreiding en de tijdstippen van huisbezoeken beter aansluiten bij de leefsituatie van een inwoner.
De gemeente onderzoekt daarom of medewerkers ook in de avonduren controles kunnen uitvoeren. Daarbij wordt gekeken naar de juridische mogelijkheden en de veiligheid van de medewerkers.